Spv-ers in de school - Hoe loopt het tot nu toe?

In mei 2010 gingen de eerste twee sociaal psychiatrisch verpleegkundigen, kortweg spv-ers, van start. In augustus kwamen er twee bij en in september volgden er nog eens drie. Inmiddels is het oktober 2010 en werken zeven spv-ers, met contracten variërend van 9 tot 36 uur op diverse locaties van Zadkine en het Albeda College. De eerste stappen zijn gezet en projectmedewerker Anne Wöstmann maakt de voorlopige stand van zaken op. 

Alle spv-ers hebben kennis gemaakt met hun directe collega's van het schoolmaatschappelijk werk en zijn vol enthousiasme binnen de school aan het werk gegaan. Ze zijn uitgenodigd bij overleggen van het zorgadviesteam en sindsdien zijn de eerste studenten met psychische problemen bij hen terecht gekomen. Volgens Anne zijn er al behoorlijk wat stappen gezet. "Spv-ers raken steeds beter bekend binnen de school en studenten worden sneller doorverwezen naar deze discipline. Gemiddeld de helft van hun tijd besteden ze aan voorlichting, consult en advies. In de aanloopfase is dat prima, want op deze manier raakt de school vertrouwd met de spv-ers. Als scholen eenmaal de weg naar hun nieuwe collega's weten te vinden en de spv-rs op hun beurt bekend zijn met de organisatie van de school, zal deze taak veel minder tijd in beslag nemen. Op dit moment zijn er al 70 studenten naar de spv-ers doorverwezen."

 Vinden en verbinden

Meestal doet de smw-er de eerste screening van jongeren met problemen. Als blijkt dat psychische hulp nodig is, vindt een ‘warme overdracht naar de spv-er plaats. Om de afstand tot ggz-hulp te overbruggen en de overdracht te stroomlijnen, zijn smw-ers vaak bij het eerste gesprek aanwezig. Anne: "Studenten vinden het over het algemeen niet gemakkelijk om naar een hulpverlener te gaan. Ze denken dan ‘ik ben toch niet gek?'. Maar als een spv-er wat langer in de school rondloopt zal dat waarschijnlijk wel veranderen. Dan wordt het vanzelfsprekender om met een hulpverlener over je problemen te praten."

Met name op kleinere locaties blijkt het goed te werken als de spv-er een bekend gezicht is geworden. Docenten stappen dan makkelijker op hun nieuwe collega af. Tegelijkertijd kijkt de zorgcoördinator mee of de aanmelding binnen het plan van aanpak voor de desbetreffende student past. 

Ook succesvol is het direct koppelen van een jongere aan een spv-er na een verzwaarde intake. Vooral bij aanmeldingen voor een niveau 1 of 2 opleiding blijkt het goed te werken als de studieloopbaanadviseur deze jongeren rechtstreeks doorverwijst naar ggz-hulp. Een jongere wordt op deze manier vanaf de start van de opleiding goed begeleid, waarmee de kans op uitval tijdens de opleiding aanmerkelijk kleiner wordt. 

 Werkwijze

De spv-er gaat niet alleen met jongeren in gesprek maar rapporteert ook over het verloop van de begeleiding aan de schoolmaatschappelijk werker en de zorgcoördinator. Tegelijkertijd onderhoudt de spv-er contact met het onderwijs en geeft zonodig tips en adviezen. Anne: "Als een jongere extreem onzeker is, kan het nodig zijn aan docenten uit te leggen hoe ze hiermee het beste om kunnen gaan. De spv-er is zich dus bewust van de context waarbinnen hij of zij werkt. Belangrijk is dat de loopbaan van de jongere niet wordt vertraagd."

Alle spv-ers zijn bedreven in het benaderen en omgaan met jongeren die problemen hebben. Bij Smash it Up! Van Riagg Rijnmond wordt gebruik gemaakt van activiteiten zoals voetbal, theater en eat & meet (samen eten). Lucertis bereikt jongeren met meervoudige problematiek door ze actief op te zoeken op plekken waar ze zich prettig voelen. En ook Bouman GGZ is vanuit de verslavingszorg gewend om jongeren laagdrempelig te benaderen. Spv-ers voeren dus niet alleen gesprekken met jongeren maar nemen hun kennis en expertise  mee de school in.

 Competenties hulpverlener

Werken binnen de school stelt speciale eisen aan de competenties van hulpverleners. Anne: "Spv-ers moeten jongeren kunnen aanvoelen en goed  kunnen samenwerken met onderwijsmedewerkers en andere hulpverleners in de school. Daarnaast is het een must dat ze ‘organisatiegevoelig' en proactief zijn. Ze moeten lef vertonen en in staat zijn de juiste mensen in de school te vinden waarmee ze hun inzichten en expertise kunnen delen. Spv-ers die duidelijk aanwezig zijn binnen de school hebben een toegevoegde waarde."

 Hindernissen

Jongeren wijzen ggz-hulp bij voorbaat vaak al af of weten de weg naar een hulpverleningsinstelling niet te vinden. Nog een obstakel is onduidelijkheid over de verplichte eigen bijdrage die jongeren moeten betalen als ze door de spv-er worden geholpen. Anne: "In het uiterste geval betalen ze 165 euro; dit bedrag is het eigen risico dat een verzekerde aan de zorgverzekeraar moet betalen. Voor een jongere boven de 18 jaar geldt zelfs dat de eigen bijdrage automatisch op hem of haar wordt verhaald, wanneer nog geen andere zorg in hetzelfde kalenderjaar is gebruikt. Het zou mooi zijn als deze financiële drempel zo snel mogelijk wordt weggenomen." 

De gemeente Rotterdam biedt mensen met een laag inkomen een ziektekostenverzekering aan zonder verplichte eigen bijdrage. Omliggende gemeenten steunen alleen de laagste inkomens met een korting op hun ziektekostenverzekering. Voorlopig willen het Albeda College en Zadkine deze jongeren financieel wel ondersteunen maar het is duidelijk dat er een structurele oplossing moet komen. Anders is er een prachtige zorgstructuur gemaakt zonder dat jongeren daar gebruik van kunnen maken.

 Uitbreiding 

Vanaf november 2010 wordt het aantal spv-ers flink uitgebreid. De hulp gaat dan van 4 fte's naar 9 fte's. Om een beeld te krijgen van het aantal jongeren dat met 9 fte's geholpen kan worden, maakt Anne een snelle rekensom: "Per kwartaal kan een spv-er zo'n tien jongeren begeleiden. Dit is een gemiddelde want de problematiek van jongeren kan per locatie nogal uiteen lopen. Op jaarbasis kom je dan uit op zo'n 400 jongeren die geholpen kunnen worden." Deze hulp is altijd gekoppeld aan de loopbaan en de opleiding van jongeren, en afgestemd met andere vormen van hulp. Want het is duidelijk dat jongeren op het mbo vaak meerdere problemen tegelijk hebben. Alleen door samen te werken vanuit een brede visie is het mogelijk ze weer op de rails te krijgen.